Geschiedenis Partij-Wittem

Historie Partij-Wittem

Details

 

Beste bezoeker,

Ik pretendeer in geen geval hier een compleet overzicht van de geschiedenis van Partij-Wittem weer te geven.

Het is slechts de start van een ( ik hoop steeds completer wordend overzicht ) ? van wat er door de eeuwen

heen in deze contreien is gebeurd, en Partij-Wittem heeft gemaakt tot wat het nu is. Iedereen die in het bezit is

van oude foto's of een aanvullig heeft op de tekst van de geschiedenis van Partij-Wittem ( met name vooralsnog 

op de toenmalige bebouwing en / of de historie ) is van harte welkom om een bijdrage te leveren aan een zo

compleet mogelijk overzicht van de geschiedenis van ons dorp. ( JC ).

Kasteel Wittem wordt reeds in 1119 vermeld in schenkingsakten.

De gangbare naam was toen Witham. Ham is een Germaans woord voor kromming (denk aan inham).

Volgens de taalkundigen echter duid Witham op een bebost stuk land aan de kromming van een rivier.

Het huidige kasteel bestaat nog uit een toren en twee vleugels., en in de kasteeltuin zijn nog de overblijfselen te vinden

van twee omgrachtingen. De toren en de linkervleugel dateren uit de 13e eeuw. De rechtervleugel is grotendeels 17e eeuws.

Er komen heel wat bekende en belangrijke namen voorbij als je spreekt over de geschiedenis van Wittem.

In 54 voor Christus werden in deze regio de Romeinen verslagen door Ambiorix, en de Noormannen kwamen hier langs toen ze Aken veroverden.

Paus Leo III ruste hier toen hij op weg was naar Tongeren, en ook Willem van Oranje en Tsaar Peter de Grote verbleven in Kasteel Wittem.

Wittem ligt halverwege tussen Maastricht en Aken. De huidige Rijksweg loopt globaal gezien waar vroeger de Oude Heirbaan liep,

en deze door de Romeinen aangelegde weg verbond twee van de grootste steden in die tijd ( Tongeren en Aken ) via Maastricht met elkaar.

Vorsten en edelen die op weg waren naar Aken of Keulen gebruikten Kasteel Wittem regelmatig als halteplaats,

waar ook de paarden konden uitrusten en verzorgd worden.

De ligging van Kasteel Wittem ten opzichte van Luik en Maastricht was van groot belang.

Guda van Kleef ( vrouwe van Valkenburg) die samen met echtgenoot Thibald van Voeren-Valkenburg het kasteel Genhoes in Valkenburg bouwden,

schonk na zijn dood, en voor hun beider zielenheil kasteel Wittem aan de St. Jacob abdij in Luik, waar zij in 1125 is overleden.

In 1220 kocht Winand van Julemont het toen nog niet zo grote kasteel van de St. Jacob abdij.

Julemont was een grote ridderfamilie uit het gebied van Luik, met vele zijtakken die veelal worden aangeduid als de Scavendriesch.

Toen zij Wittem in bezit kregen breidden ze het uit met een grote woontoren tussen de Geul en de Selzerbeek.

Het wapen van de Scavendriesch was een groot gekarteld doornenkruis op een goudgele achtergrond,

en dat wapen is nog steeds te zien in het glas bij de ingang van Kasteel Wittem.

In 1286 moet het al een sterke burcht geweest zijn want het doorstond toen al een zeer zware belegering door de hertog van Gelder.

Op onderstaande foto uit 1888, en gemaakt vanaf de Gulpenerberg het Kasteel en het ( toen nog niet verbouwde ) Klooster Wittem.

De versterkte woontoren speelde vervolgens een grote rol bij de vele schermutselingen tussen allerlei Hertogen.

Aan het einde van de Limburgse Successieoorlog vond op 5 juni 1288 de grote slag bij Woeringen plaats,

waarbij de ridders van de Scavendrisch aan de kant van Brabant meevochten.

In deze Ridderslag die met duizenden ruiters aan beide zijden werd uitgevochten, en die bekend staat als een van de

bloedigste uit de geschiedenis, zegevierden uiteindelijk de Brabanders en dus ook de Scavendriesch.

In 1344 verkocht de kleinzoon van Arnold de II van Wittem ( Gerard III ) de Heerlijkheid en het Kasteel aan Johan van Cosselear.

Deze bastaardzoon van Jan II.  Gerard III vestigde zich vervolgens op Kasteel Neubourgh te Gulpen.

In die periode stierf het geslacht van de graaf van Limburg uit, en verkreeg van Cosselear ook ( onder meer ) Mechelen in zijn jurisprudentie.

Het kasteel werd toen fors uitgebreid tot een carré, gelegen tussen de Selzerbeek en ( toendertijd nog in de oude bedding lopende ) Geul.

Kasteel Wittem had toendertijd volgens de overlevering zeven torens, en was veel groter dan momenteel nog het geval is.

Onderzoek en analyseren van de schaarse oude tekeningen, schilderijen en documenten komen echter uit op waarschijnlijk vijf.

( Heemkunde vereniging Gulpen ).  Het kasteel was toendertijd voornaam genoeg om in 1520 onderdak te bieden aan Karel V toen

hij op weg was naar Aken om daar tot keizer gekroond te worden.

De toendertijd zeer sterke burcht wordt vervolgens dan ook in veel middeleeuwse gedichten genoemd en geroemd.

Omdat het zo'n grote en belangrijke burcht tussen Aken en Maastricht was, waren er ook vaak belegeringen en aanvallen.

Als Maastricht belegerd werd ( en dat gebeurde regelmatig ) verbleven de belegerende troepen vaak in de buurt van Wittem.

Aan het begin van de 80 jarige oorlog  ( 1568 - 1648 ) zaten de Spaanse troepen in Maastricht, en belegerde Willem van Oranje de stad.

Terwijl zijn toepen zich gereedmaakten voor de aanval op Maastricht overnachtte hij in Kasteel Wittem.

Na een wisselende bezetting van Maastricht en de regio werd het kasteel uiteindelijk door de Spanjaarden ( al in 1569 ) opgeblazen

en nagenoeg met de grond gelijkgemaakt.

Het kasteel werd achtereenvolgens bewoond door de geslachten Julemont, van Cosselear, van Pallant, van Waldeck en van Plettenberg.

De regio was toendertijd wisselend onderdeel van het Hertogdom Limburg, het Hertogdom Brabant,

de Westfaalse Kreis van het Duitse Keizerrijk en de Republiek der Nederlanden.

Bovenstaande geslachten speelden natuurlijk ook een voorname rol in het bestuur van deze gebieden.

Graaf Ferdinand von Plettenberg kocht in 1722 de door de Spanjaarden in 1569 verwoeste en nadien maar gedeeltelijk herbouwde burcht.

Vanaf de Franse tijd in 1794 houdt de Heerlijkheid Wittem op te bestaan, en gaat het kasteel in 1957 over naar de familie Merckelbach.

Vanaf toen is het kasteel in gebruik als hotel.

 



Een kapucijnenklooster met kerk werd tussen 1729 en 1733 schuin tegenover Kasteel Wittem gebouwd naar een ontwerp van de bouwmeester

Johann Conrad Schlaun, in opdracht van graaf Ferdinand von Plettenberg, die de Heerlijkheid Wittem in 1722 verwierf.

Beiden waren afkomstig uit de omgeving van Munster en dat is te zien aan de barokstijl, waarin eveneens de Sint Agathakerk van Eys

in dezelfde periode door Schlaun werd ontworpen. In 1733 werd het klooster betrokken door de kapucijnen uit de Keulse provincie,

die hiervan tot aan de Franse Revolutie gebruik hebben gemaakt.

Zij startten en propageerden hier de verering van de heilige Antonius van Padua.

Na deze periode kwam het gebouw tientallen jaren leeg te staan, tot in 1835 de Redemptoristen er de beschikking over kregen en het geheel

het jaar daarna als grootseminarie inrichtten, een studiehuis waar aanstaande priesters werden opgeleid. Vanwege de sterke toename van het

aantal studenten werd in 1891 door de architect Johannes Kayser een nieuw en groter klooster gebouwd waarvoor grote delen van

het oude klooster gesloopt werden.

De plechtige inwijding van het nieuwe klooster vond plaats in 1894. Nadat het grootseminarie in 1938 nog een record aantal studenten bereikte,

wat leidde tot de bouw van een extra vleugel, nam het aantal studenten in de jaren zestig van de twintigste eeuw sterk af. Dit betekende in 1968

het einde van het grootseminarie. Het klooster was en is ook bekend vanwege de markante kloosterbibliotheek. In de kloosterkerk van het complex,

is Cardinaal van Rossum begraven, de eerste Nederlandse kardinaal na de Reformatie.  De muur- en gewelfschilderingen zijn uit 1939-1940 en werden

door Charles Eyck aangebracht.

Bovenstaande foto is gemaakt van de versierde Kloosterkerk bij gelegenheid van het 100 jarig bestaan.

Dus momenteel ruim 75 jaar geleden.  Gerardus Majella werd in 1893 zalig verklaard en wordt sindsdien vereerd in Wittem.

Deze verering maakte Wittem tot een belangrijk bedevaartsoord, vooral sinds de jaren twintig van de twintigste eeuw.

 

Naast de devotieruimte voor de H. Gerardus Majella wordt

ook de Ronde Kapel met de icoon van

Onze Lieve Vrouw van Altijddurende Bijstand veel bezocht.

Jaarlijks komen er vele duizenden pelgrims in de periode tussen Mei en Oktober,

zowel in groepen als individueel.

Partij wordt voor het eerst vernoemd in officiële akten in 1364 als " dea torteyde " en in 1466 als

( citaten Mosmans ) ook als Tyrtei.

Omstreeks 1800 word het op de Kaarten van Tranchot aangeduid als Partey.

Deze naam ( van Frankische oorsprong ) ? kan ook weer afgeleid zijn vanTortata, het Latijnse woord voor bocht of kromming.

De huidige boerderij / woonhuis " Het Wienhoes " gelegen aan de Oude Heirbaan was een Tolhuis naast een Herbergh

waar aan de Kasteelheren van Wittem tol betaald moest worden.

Uit rekeningen vanaf 1589 blijkt toen al zeker het bestaan van het " Wienhoes " , en het wordt daarin

( in akten van het archief in Luik ) onder meer aangeduid als " t Wijnhuis opter Tey ".

De gevangenis waarin de heren van Wittem misdadigers opsloten was voor 1668 ook jarenlang gevestigd in het Wienhoes.

De huidige linkervleugel met woonhuis dateert uit de 17e eeuw.

De rechtervleugel is in de 18e eeuw als pleister-plaats voor de postkoets gebouwd

door Ferdinand Von Plettenberg. Kort na de aanleg van de Rijksweg Maastricht - Vaals in 1825,

werd aan deze weg een nieuw poststation ( De Posterij ) gebouwd ter vervanging van die bij het Wienhoes.

Hieronder een foto van de hoeve uit de 30 er jaren.

De functie van het Wienhoes kwam door de nieuwe rijksweg te vervallen. Als poststation heeft De Posterij niet zo lang gefunctioneerd.

Na de komst van de trein ( in 1856 de lijn Maastricht - Aken ) dat was de eerste internationale spoorlijn in Nederland,

verdween de postkoets al snel, en daarmee verviel het laatste poststation in deze omgeving.

Deze foto ( genomen vanuit het Zusterklooster ) dateerd van begin 70 er jaren. Op de achtergrond het nieuw aangelegde kruispunt.

Onderstaande foto van de hoofdpoort dateerd uit 1928, en de momenteel gangbare naam Partij werd toen nog geschreven als Party.

De dorpsnaam schijnt ook vele jaren als Parthey te zijn geschreven.

Er waren in het verleden nog andere grote hoeve's en boerderijen in Partij-Wittem, waaronder de in prachtige

vakwerkstijl gebouwde Hoeve  " Hommerich ".

Deze Hoeve zou ( zeker in de hedendaagse tijd ) een waar pronkstuk geweest voor de Limburgse vakwerkbouw in de hele regio.

Deze prachtige vakwerkboerderij is in 1935 helaas door een grote brand volledig verwoest.

Onderstaande foto toont de brug over de Geul van de weg naar het Hommerich van de 30 er jaren.

Ook de eeuwenoude hoeve ( 1663 ) "De Beck " werd als een deel van Partij gezien, alhoewel het officieel onder Gulpen valt. Hieronder een foto uit 1930.

Partij bestond tot in de 30 / 40 er jaren maar uit een paar huizen, waarvan het pand Lemmens bij de S bocht er een van is.

Regelmatig werd er in de loop der tijd door vrachtwagens of bussen een verkeerde inschatting gemaakt bij het nemen van de S bocht.

Het " Partijerhofke " zag er toen ietwat anders uit dan momenteel het geval is. Deze foto dateerd uit 1955.

Hieronder een foto uit de 30 er jaren van het wat terugliggende huis van Matheu Nix ( Partijerweg tegenover het zusterklooster )

waar toendertijd de kleermakerij Lindelauf gevestigd was.

 

De onderstaande foto toont een blik vanuit de richting Mechelen op de S bocht van Partij aan het begin van de vorige eeuw.

 

De Partijerweg zag er toen nog redelijk ongerept uit op de volgende foto.

De huizen op het huidige " bergske " en die aan de overkant moesten nog allemaal gebouwd worden.

Rechts is nog net het huis van de huidige bewoner Ruud Oligschlager te zien. Op de foto Mien Oligschlager en Marga Kohl.

Tussen het huidige huis van Ruud Oligschlager en het Zusterklooster lag de voormalige boerderij Smeets. Tegenwoordig in het bezit van Leon Gulikers.

Onderstaande foto is uit 1938.

Van hieruit gezien, dus verderop na de S bocht richting kruispunt zag het er toendertijd ook iets anders uit.

Hier een foto van Mien Kockelkoren voor hun kruideniers / bakkerijwinkel ( tegenwoordig Bakkerij Meessen ).

 

Nog een foto van " Partij Centrum " gemaakt bij een Carnavalsviering in de 30 er jaren.

Rechts de huidige Bakkerij Meessen en op de achtergrond toenmalig " Cafe Veassen " naderhand " Van Wissen "

en momenteel " De Remise " en links daarvan boerderij Mobers, de tegenwoordige Partijerhof.

 

Onderstaande foto laat de Harmonie en de Schutterij van Mechelen zien in de S bocht bij de Processie in Partij-Wittem van 1947.

 

De eigen fanfare van Partij-Wittem " Fanfare Kunst en Vriendschap " werd drie jaar erna ( in 1950 ) opgericht.

Onderstaand de allereerste foto van de nieuwe vereniging.

In de Rodestraat stonden toendertijd ook maar enkele huizen. Sjef en Jardine Cremer zorgen voor dit mooie overzicht op inmiddels vervlogen tijden van de Rodestraat.

De kijker naar de nieuwe fiets is Johan Jongen.

Links ligt dus het huis van Johan Jongen, en rechts vooraan dat van de toenmalige bewoonsters ( en nu afgebroken ) gezusters Maassen.

Iets verder het voormalige huis van de Fam. Scheijen, en verder naar achteren het afgebroken huis van Mobers.

Onderstaande foto laat dit in 1980 afgebroken huis van de andere kant zien. Hier staan momenteel de moderne huizen en appartementen tegenover de Partijerhof.

Verderop in de Rodestraat was er vanaf het Huis Beuken ( naderhand Dodemont ) en het tegenovergelegen huis Lenoir geen bebouwing meer.

Op de foto Annet Lenoir en broertje Caspar ?

Op de Tevent stonden in de vooroorlogse tijd maar twee huizen, dat van de Fam. Meijs en de Fam. Haan bij het huidige sportcomplex.

De volgende foto is genomen voor het huis van de Fam. Meijs, ( met Mia op de voorgrond ) en geeft een indruk van de toenmalige Tevent,

en het op de hoek gelegen ( nu gerestaureerde ) Kockelmanshuis van de achterkant.

De tuin met de bonestaken was van Matheu en Lisa Vliegen, die woonden in het ( van achter gezien ) uiterst linker deel van de boerderij

en zij hadden altijd een prachtige verzorgde moes en bloementuin.

Wittem zag er toen uiteraard ook heel anders uit dan momenteel het geval is.

De volgende foto laat de van Plettenbergweg zien in 1944. Op de foto is te zien dat er toen al een Gerarduswinkel was.

Deze is van de bevrijding op 13 sept. 1944 met een Amerikaanse Jeep voor Cafe Restaurant Hoen ( hoek v. Plettenbergweg ).

Na het vertrek van de Fam. Hoen werd de zaak overgenomen door de Fam. Schmetz.

Onderstaande foto is uit 1950 en na overname van zijn vader Wiel momenteel in bezit van Leo Schmetz.

De huidige parkeerplaats voor het Klooster was er toen nog niet.

Wordt vervolgd !!